hipstergeneratie


hipstergeneratie 1.0

Betekenis

generatie die vooral bestaat uit jonge mensen, meestal tussen de 20 en de 30, in grote steden die zich afzetten tegen de mainstream en vaak een creatief beroep hebben en geïnteresseerd zijn in zaken als vintagemode, goede koffie, vegetarisch eten etc.
Zie ook : hipster

Een hipstergeneratie…

is een generatie

  • [Plaats van herkomst] betreft vaak mensen afkomstig uit de grote steden
  • [Leeftijd] betreft vaak mensen tussen de 20 en 30 jaar
  • [Gedrag] bestaat uit mensen die zich meestal afzetten tegen de mainstream en vaak een creatief beroep hebben en geïnteresseerd zijn in zaken als vintagemode, goede koffie, vegetarisch eten etc.
  • [Waardering] wordt nogal eens bespot of decadent gevonden

Over het woord

Aard herkomst inheems woord
Vroegste datering 2014
Aantal lettergrepen 6
Hoofdklemtoon 1ste lettergreep
Type zelfstandig naamwoord
Naamtype soortnaam
Geslacht vrouwelijk
Lidwoord de
Betekenisklasse abstractum
Type samenstelling
Linkerlid hipster
Linkerlidtype zelfstandig naamwoord
Rechterlid generatie
Rechterlidtype zelfstandig naamwoord
Tussenklank geen

Het woord in gebruik

Hyperoniem generatie

Als kind moesten we met onze moeders mee naar de markt, om te helpen sjouwen. Een half uur omfietsen, of een stuk met de tram — pure noodzaak, omdat je bij dat ene kraampje een kilo aardappelen voor een dubbeltje goedkoper kreeg. Dat was de markt voor ons, en dat is hij nog steeds voor veel Rotterdammers: een plek waar je goedkoop boodschappen doet. De Markthal is helemaal geen markt, ook al zit dat woord in de naam. Het is exact het omgekeerde. Het is een kathedraal voor de hipstergeneratie en de neoliberale tijdgeest. Je rijdt er voor om als je juist duur wilt shoppen. De uitbaters van de kraampjes (excuus, de 'versunits') zijn geen marktkooplui maar vooral franchises, winkelketens of snelle hipsterboys die de gebakken lucht van 'ambachtelijkheid' en 'lokaal' verkopen.

nrc.next,

Toine Wilke voldoet precies aan het beeld van zijn prachtige hipstergeneratie. Surfer: natuurlijk, zou je bijna zeggen. Idealist: vanzelfsprekend. Dromer en realist: mooi meegenomen. „Ik lag op een surfplank in zee bij een eilandje in Indonesië met een ander op golven te wachten. Opeens grijpt hij in het water, pakt een pluk zeewier en scheurt er een stuk vanaf. 'Hier', zei hij en bood me een stuk aan, 'dat kun je eten, hoor'."

De Telegraaf,

In het Belgische driesterrenrestaurant Hertog Jan lopen de koks en obers er zelfs als tuinmannen bij; een mooi voorbeeld dat je ook kunt overdrijven. Het door koks gekoesterde jonge plantje werd liefdevol overgenomen door de hipstergeneratie met zijn Makers Revolution: zelf bier brouwen, brood bakken, friet maken. Aldus zagen we de opkomst van urban farming: jonge hippe stedelingen die op verlaten rangeerterreinen en oude fabrieksdaken preiplantjes en tomaten bewaterden.

de Volkskrant,

Domein cultuur en samenleving
Tijd neologisme