Hoewel het tekort aan woonruimte een crisis wordt genoemd, wordt de ernst door het
bedrijfsleven nog niet gevoeld. Van kantoorschaamte is geen sprake. Het is als organisatie
je maatschappelijke plicht mee te denken over oplossingen voor de woningmarkt. Al
is het maar voor de kinderen van je personeel. Heb je ruimte over? Verken de mogelijkheden
om deze te delen en de bezettingsgraad richting 100 procent te duwen. Vervolgens kan
de kantoorvoorraad die echt 'leeg' blijft, getransformeerd worden tot woningen.
Hij legt de oorzaak van het probleem niet bij beleidsmakers en overheden, maar bij
de vastgoedeigenaren die hun kantoorruimtes liever leeg laten staan dan ze een nieuwe
bestemming te geven. Eigenlijk zou er onder hen kantoorschaamte moeten zijn – schaamte
over de leegstand van kantoren – maar die ontbreekt ten enen male. Daarmee staat kantoorschaamte
wel meteen op de kaart, nu eens niet als een schaamte van het individu, maar van het
bedrijfsleven.
Kantoorleegstand dwingt ons niet alleen om opnieuw na te denken over de rol van de
werkplek in ons leven, het doet tegelijk een beroep op onze maatschappelijke verantwoordelijkheid
een oplossing te creëren voor het tekort aan woningen. Want het nemen van die verantwoordelijkheid
is tot dusver niet zo vanzelfsprekend. Of moeten we eerst voorbij onze schaamte, oftewel
onze kantoorschaamte? Kantoorleegstand vraagt om een herdefiniëring van ruimtegebruik
en een samenwerking tussen overheden, bedrijven en gemeenschappen om tot duurzame
oplossingen te komen.