Naïeve jongeren die zich beet laten nemen: het lijkt een logische verklaring, maar
het is niet het hele verhaal. Dat blijkt als we Fuxin een tweede keer bezoeken. Chinezen
praten niet graag over hun problemen, maar in een tweede gesprek delen Qin, Shen en
Yang meer over hun leven. Hun kolenprijshuis blijkt niet zozeer een droom, maar eerder
een vlucht. Qin is niet alleen naar Fuxin verhuisd om te ontsnappen aan de werkdruk,
maar ook aan de druk van zijn ouders om te trouwen.
Het wordt een 'kolenprijshuis' genoemd: een huis dat bij wijze van spreken niet meer
kost dan een Chinese kool. De vraag naar deze gemankeerde en vaak afgelegen afdankertjes
van de Chinese vastgoedmarkt groeit, vooral onder jongeren.
Sinds 2021 is in China de term tangping (letterlijk te vertalen als 'platliggen')
in opkomst, voor mensen die zo weinig mogelijk werken. Daarnaast weigeren veel jongeren
te trouwen of kinderen te krijgen, omdat ze geen vertrouwen hebben in de toekomst.
Ze noemen zichzelf 'de laatste generatie'. Een kolenprijshuis is in zekere zin ook
zo'n vorm van passief verzet. Een weigering om nog langer aan alle maatschappelijke
verwachtingen te voldoen. Het valt ook op: Qin, Shen en Yang wonen in huizen die door
anderen waardeloos worden geacht, maar ze zijn niet ontevreden.
Niemand had er ook maar één cent voor over. Maar de laatste tijd trekken de kolenprijshuizen
steeds meer jongeren aan, die op zoek zijn naar een woning voor 4.000 of 5.000 euro.
Op Chinese sociale media worden volop aankooptips, ervaringen en opknapfilmpjes gedeeld.
Hashtags over koopwoningen in Fuxin, op dit moment de populairste bestemming voor
kolenprijshuizen, zijn tientallen miljoenen keren gedeeld. De jonge kolenprijskopers
vertellen online over waargemaakte woondromen en een ontspannen leven zonder huur
of hypotheek. Maar achter die idylle lijken veel problemen schuil te gaan. Is een
kolenprijshuis een buitenkans op de Chinese vastgoedmarkt of een onbezonnen miskoop?
Of is er meer aan de hand?