Sarah Moss haalt de moedermythe onderuit met ironische kanttekeningen, die soms ronduit
cynisch zijn, maar altijd hilarisch. Een ware verademing tegenover de momlit waarin
een baby vaak beschouwd wordt als een soort modeaccessoire. Moss schetst een realistischer
portret van het moederschap. Veel onvoorwaardelijke liefde, maar weinig tijd voor
jezelf.
Het fenomeen van de chicklit is geen stille dood gestorven, zoals sommigen voorspelden.
Elf jaar na de publicatie van Helen Fieldings Bridget Jones' Diary rollen de zeemzoete
boekjes over hopeloze jonge vrouwen aan een stevig tempo van de band en zijn de meest
succesvolle schrijfsters ware idolen voor een indrukwekkende schare fans. Het genre
evolueert zelfs. Naargelang de levensfase van de hoofdpersonen duiken subgenres op
als ladlit (met worstelende mannen in de hoofdrol), henlit (vrouwen van middelbare
leeftijd) en momlit, waarin de hopeloze singles van toen zóver gekomen zijn dat ze
een baby aan de borst kunnen drukken.
Ik trof er een schrijfster die ook een jong kind heeft, en we kregen een gesprek over
artikelen en boeken over het onderwerp. Het was me opgevallen dat de baby als thema
de columns en de momlit is ontstegen en nu echt de literatuur is binnengedrongen.
Tot voor kort schreef men wel over zoons en dochters, maar dan waren het minstens
pubers. De ervaring van het baren en de eerste jaren daarna werden als te algemeen
en te vrouwelijk beschouwd om er echte literatuur van te maken.